Maeckes logo

<    1      2      3      4      5    >


Decimaal getal

Het decimale getallensysteem (deci = 10) werkt met de tien cijfers 0,1,2,3,4,5,6,7,8 en 9. Een decimaal cijfer (engels: decimal digit) heet een digit.

Dat komt omdat we tien vingers hebben.

 


Uitleg

Het getal 237 is samengesteld uit

2 × 100   = 2 × 10
3 × 10    = 3 × 10
7 × 1     = 7 × 10

Omdat 100 gelijk is aan 10 × 10 = 102 mag je 10 ook schrijven als 101, en 1 zelfs als 100. Als je cijfers achter de komma hebt gaat het gewoon door. De machten nemen steeds verder af, worden kleiner dan nul, en dus negatief. Zo is 0,1 = 10–1. Het getal 4267,893 is samengesteld uit

4 × 1000  = 2 × 10
2 × 100   = 2 × 10
6 × 10    = 6 × 10
7 × 1     = 7 × 10
8 × 0,1   = 8 × 10−1
9 × 0,01  = 9 × 10−2
3 × 0,001 = 3 × 10−3

Achter elk cijfer in een getal zit een 10e macht die van de positie af hangt. Daarom moet je een 0 schrijven als een plaats geen waarde heeft. Het getal 3600,102 is dus samengesteld uit

3 × 1000  = 3 × 10
6 × 100   = 6 × 10
1 × 0,1   = 1 × 10−1
2 × 0,001 = 2 × 10−3

Nu kunnen we ook verklaren waarom  is

En we kunnen het getal 1 nu ook beter begrijpen, want

Getallen met negatieve exponenten zijn niets anders dan breuken. Dat zie je goed aan

 


Deutsch   English   Español   Français